Winterreise

Op een nacht of een dag dus toen hij aan
zijn tafel zat het hoofd op de handen zag hij zichzelf opstaan
en weggaan. Eerst opstaan en zich vastklampen aan de tafel. Dan
weer zitten.
Dan weer opstaan en zich weer vastklampen aan de
tafel. Dan weggaan.
Beginnen met weggaan.
(Beckett: Verroeren)
Fremd bin ich eingezogen,
Fremd zieh’ ich wieder aus.
(Wilhelm Müller: Winterreisse)
foto: Marco Borggreve
In Schuberts algemeen als onaantastbaar beschouwde meesterwerk Winterreise verschijnt in het laatste lied Der Leierman, een eenzame gestalte die onophoudelijk een wijsje aan zijn draailier ontlokt. Wie is hij? De dood, gewoon een muzikant of de reiziger zelf?
In de theatrale versie die De Helling maakt van Schuberts Winterreise is hij altijd aanwezig, en wordt een vaste metgezel van de reiziger. Misschien vallen de twee zelfs wel samen tot één personage.
Samuel Beckett noemde Schuberts naamloze reiziger een ‘voorbeeld’ voor veel van zijn personages. Niet alleen voor de personages uit zijn bekende toneelstukken zoals Waiting for Godot of Krapp’s last tape, maar ook voor die uit zijn minder bekende (maar niet minder indrukwekkende) romans. Een van deze romans heeft als titel Naamloos (The Unnamable). Zonder ook maar één tekst te gebruiken uit deze roman, die Beckett als een lange monoloog opbouwde, is Naamloos de inspiratiebron geweest voor onze ongebruikelijke versie van Schuberts Winterreise. Ondanks dat er sprake is van een integrale uitvoering van alle liederen, wordt alles ontregeld door de theatrale (Beckettiaanse) presentatie die leidt tot een afwijkende volgorde, nieuw gecomponeerde fragmenten voor piano en een soms ongebruikelijke voordracht van de liederen.
Muziek: Franz Schubert
Bewerking, compositie & dramaturgie: Klaas de Vries
scenografie & video-installatie: Kees Hin
video: Jurjen Alkema
Uitvoering en spel: Gerrie
de Vries (zang), Ellen Corver (piano)
Andere producties:
• Der
Hund
• Divine Excess
•
Pa pa pa Vrouw vrouw vrouw (twee verhalen)
• I Am Her Mouth
• The Reclining Woman